7. In- en uitchecken
Voor spelers is het belangrijk dat ze kunnen vertellen wat hen bezighoudt en dat ze persoonlijke aandacht krijgen. Door vóór en na de training bewust tijd in te ruimen om even in- en uit te checken, geef je ze die mogelijkheid. Hierdoor voelen je spelers zich begrepen en kunnen ze met een goed gevoel aan de training beginnen en weer naar huis gaan.
De check-in is een kort gesprekmoment waarin jouw spelers kunnen vertellen wat er speelt en hoe het met ze gaat. Daardoor weet jij meteen hoe ze die dag ‘in de wedstrijd zitten’ en daar kun later tijdens de training of wedstrijd op inspelen.
Tips voor een goede check-in:
- Maak de check-in een vast onderdeel van je trainingsstructuur: check-in, warming up, oefenvormen, check-uit.
- Maar: spelers komen vooral om te voetballen. Besteed er dus niet te veel tijd aan. Een paar minuten zijn vaak al voldoende.
- Doorloop de check-in vervolgens altijd volgens een vast ritueel: vraag bijvoorbeeld elke keer welk cijfer ze hun dag tot dan toe geven of wat het leukste en het minst leuke was. Door altijd een maximaal aantal (door)vragen te gebruiken, zorg je ervoor dat de check-in niet te lang duurt.
- Spelers willen of hoeven niet altijd met een diepgaand, persoonlijk antwoord te komen. Een simpele of grappige mededeling is ook goed!
- Laat niet alleen je spelers inchecken, maar doe het zelf ook: “Ik heb zin in deze training, want we gaan iets nieuws oefenen!”
Daarna draait het tijdens de training natuurlijk vooral om het voetbal, maar blijf tijdens je uitleg en feedback wel attent op de emoties en signalen van je spelers. Wanneer je door het inchecken weet dat iemand een mindere dag heeft, kun je daar je aanpak op aanpassen.

Uitchecken
Na afloop sluit je gezamenlijk af met een check-uit, reflecteer je op de training of wedstrijd en blik je even vooruit.
Tips voor een goede check-uit:
- Ook voor een goede check-uit geldt: maak het niet te lang.
- Maak ook van de check-uit een vast onderdeel van je training: check-in, warming up, oefenvormen, check-uit.
- Doe de check-uit altijd op dezelfde, herkenbare manier. Stel bijvoorbeeld altijd dezelfde open vragen. Wat ging er goed en wat kon beter? Wat vond je leuk en wat vond je minder leuk?
- Eindig altijd met een positieve noot, bijvoorbeeld over de inzet die je spelers toonden of dat het afronden erg goed ging. Daardoor gaat iedereen met een goed gevoel naar huis.
Persoonlijk gesprek
Hoe goed de sfeer in het team ook is en hoe zeer de check-in en check-uit ook ruimte bieden om persoonlijke gebeurtenissen te delen, er zijn natuurlijk thema’s waar spelers het liever niet in een groep over hebben. Geef ze daarom ook de ruimte om alleen met jou in gesprek te gaan.

Een goed gesprek
Benieuwd hoe je dit doet? Je leest het in dit thema.

